Beijing

Wow wat een overgang… van ongerepte natuur, naar mega steden. Als we net vijf minuten over de grens zijn zien we de eerste grote stad, met rijen flats. En dan Beijing een fijne stad! Laura heeft ooit in 2007 door de stad gereden naar het vliegveld, en nu dan eindelijk echt in Beijing, maar het voelt anders. We hebben nu ook de andere kant van de muur verkent, Mongolië, de geschiedenis geleerd en dan kijk je toch anders naar China als land.

Na de eerste middag de wijk verkent te hebben zijn we de 2 dagen daarna lekker rond gefietst en hebben de boel verder ontdekt. Op de fiets beviel ons prima, er zijn grote fietspaden op de wegen, en die worden vol benut! Van beide kanten kun je fietsers verwachten, en stoplichten worden niet altijd geaccepteerd…dus deden wij dat ook niet. De eerste dag zijn we om de Verboden Stad heen gefietst, langs het rode plein, een beetje door het toeristengebied (Qianmen Daije) ten zuiden van het plein rond geneusd. In de middag de hele andere kant op richting Olympic Park in het noorden van de stad. Je moet dan eerst 3 ringwegen over en als je denkt dat je er bent moet je ook nog even een weg oversteken… of beter gezegd een kilometer langs de weg fietsen en dan via een rotonde onder de weg door en weer terug. We hebben die dag wel een kilometer of 40-50 gefietst volgens google-maps. Beetje door het park geslenterd en na zonsondergang op ‘huis’ aan, de Red Lantern Hostel. Een heel fijn hostel en zeker voor Beijing redelijk betaalbaar en een heerlijk eigen kamer! Om de hoek in de hutong bij een tentje met romantisch tl-licht 4 gerechten besteld (veeeeel te veel) en aan het einde van het eetfestijn waren we Y78,- lichter… dat is nog geen 10 euro en we hadden ook prima af gekund met 2 of 3 gerechten.

De tweede dag zijn we – wederom op de fiets – naar het 798 art district geweest, een soort Berlijn-achtige industriële wijk, een km of 15 buiten de stad. Allemaal kleine kunstwinkeltjes en overal exposities die gratis te bezoeken waren, we hebben er heerlijk een dag vertoeft, het voelt westers aan met een Chinees tintje. De Erdinger Dunkel was heerlijk en nog redelijk betaalbaar – met name omdat het lokale bier 4 keer de normale prijs was… ‘s Avonds hebben we in de wijk die bekend staat om zijn hotpots (Ghost Street – daar fietsten we op de terugweg toch dwars doorheen) een goed tentje gevonden en dus een heerlijke hotpot gegeten.

Fietsen door Beijing is net zo makkelijk als in NL want de stad is zo plat als een dubbeltje. Wel komen er de hele tijd brommers en bussen over de fietsbaan en auto’s op zoek naar een parkeerplek. In andere straten is er een smallere strook en is het fietsen als in A’dam in het kwadraat. Het leukste is nog het fietsen dwars door de Hutongs met smalle steegjes en drukke straatjes vol marktkraampjes, bergen met bakbrommertjes en heel veel mensen – alles dwars door elkaar. Op de fiets zie je heel veel kanten van Beijing, van de grote straten tot de steegjes in de hutongs en je fietst zonder lastig gevallen te worden door de toeristenbrigade langs alle grote attracties. En als je buiten de ring fietst zie je de grote flatgebouwen en wolkenkrabbers en je kijkt uit op (of fietst langs) de soms mega drukke ringwegen.

De dag erop hebben we dan eindelijk een toeristische trekpleister bezocht. Mede ook omdat we deze in het weekend – en dus heeel druk – wilde mijden. De Verboden Stad. Wat een immense grootsheid met zijn vele paleizen en andere vertrekken. Het meest interessant vonden we de tuinen achterin en de kleine straatjes waar vroeger de verblijven waren waar de werknemers woonden en de eindeloze gangen en muren. Er valt van alles over te zeggen, maar foto’s het meest… In de middag en na een uur of 3-4 hadden we het wel weer gehad. Je kan wel alles zien in een dag maar we waren toe aan luieren en niets doen. Dat kan in de Verboden Stad ook prima maar wij kozen voor Beihai Park. Een park in een meer ten noord-westen van de Verboden Stad. Eerst een pot thee (Laura) en een fles Yanjing bier (Jeroen) weg gewerkt en toen de trappen op naar de stupa bovenop een heuvel met prachtig uitzicht over de Verboden Stad en Beijing zelf.

Daarna tickets gehaald voor de trein naar Xi’An. Met wat geluk een Engels sprekende balie gevonden en toen bleek de door ons gewenste trein al lang en breed vol te zitten, althans er waren geen ligplaatsen meer, alleen zitten was mogelijk. Uiteindelijk een dagtrein geregeld voor a.s . vrijdag. Dinsdag hadden we even nergens zin in. Het plan was naar de muur te gaan, maar in plaats daarvan hebben we maar gekeken hoe we het makkelijkst naar Beijing West Station konden komen en aldaar gelijk kaartjes van Xi’An naar Changzhou geboekt voordat we daar ook alleen naar kunnen zitten in de nachttrein… Changzhou ligt tussen Nanjing en Shanghai en daar wonen Ralf en Lina die we gaan bezoeken: Zin in!!!

Woensdag was een andere highlight – de muur – aan de beurt. Helaas was Simatai nog steeds gesloten (geplande heropening in oktober…) dus moesten we een ander stuk kiezen. Het werd Mùtiányù! Om zes uur het hostel verlaten en eerst de metro in. Daarna was het busstation zo gevonden. De bus stond al klaar en vertrok echt een minuut nadat we waren ingestapt. We moesten wel gepast betalen (Y12,-pp) en dat was een hele klus, ook een Australiër had problemen met het gepast betalen, maar uiteindelijk vond Laura nog ergens wat kleingeld. Verder alleen maar Chinezen in de bus op weg naar hun werk. In de bus een beetje aan de praat geraakt en samen een minivan geregeld naar de muur, nog ruim een half uur van waar de bus stopte. We verbazen ons erover dat er geen directe bussen gaan anders dan via het boeken van tours, maar dat is blijkbaar typisch China… we konden nergens iets zien van een local bus die toch stiekem die kant op ging. Maar goed, uiteindelijk kostte het Y30,- voor een enkeltje maar al met al echt stukken goedkoper dan de tour die je kan boeken – waarbij je alsnog zelf je entreeticket moet betalen en dus eigenlijk alleen voor de bus betaald, waarbij je dan weer wel vor de deur wordt opgepikt.

Eerst zijn we het steile deel omhoog geklauterd en daarna nog een paar wachttorens verder gelopen. Onderweg hebben we 2 of 3 momenten gehad dat we bijna op wilde geven echt; zo steil en zo lang omhoog lopen, het was echt vet zwaar met de zon die al weer heerlijk stond te fikken. Na de tweede wachttoren staat er een bordje: “No Tourist Area” en dan wil je dus juist verder lopen. Uiteindelijk kwamen we bij een niet gerestaureerd stuk van de muur en dat was nog indrukwekkender dan het gerestaureerde deel. De muur is hier overwoekerd en je loopt soms lekker in de schaduw dus we zijn nog een heel eind doorgelopen. Je beseft je op dat stuk veel meer waar je eigenlijk loopt en hoe oud de muur wel niet is. Op een gegeven moment zijn we maar weer terug gelopen en na ruim 2 uur waren we weer op het toeristenstuk. Nog steeds was het niet echt druk, maar er waren duidelijk meer mensen dan toen we aankwamen en nu we de ‘echte’ muur hadden gezien zijn we doorgelopen naar de uitgang, een ruim half uur verder over de muur. Prachtig gerestaureerd, maar toch, we hadden het wel gezien en na 3,5 uur zweten was het mooi geweest. Ook heel grappig waren de bordjes met “No Naked Flames” net buiten de muur… maak er van wat je wilt… De ‘afdaling’ van de muur was ook heel leuk – en het heeft niets met de muur te maken – maar we zijn met de rodelbaan naar beneden gegaan… super melig :-)

Daarna terug naar het dorpje Huáiróu en daar een eettentje gezocht. Duurde even maar uiteindelijk iets gevonden. Geen Engels, geen picture-menu en dus zeiden we op de vermoedelijke vraag wat we wilde hebben “anything / make us something” en vervolgens voor Y10,- pp heerlijk geluncht. ‘s Avonds met twee andere mensen van het hostel waarvan we er eentje al een paar dagen tegenkomen in de avond en een biertje doen naar ‘ons’ restaurantje om de hoek geweest en weer heerlijk gegeten. Ook iets met ezel – en het blijkt dat ze vooral het geslachtsdeel lekker vinden. Er zat naast vlees, bergen met perper en knoflook ook iets glibberigs met een soort van huidstructuur in het pannetje (het leek op een vetreepje of iets van obergine, het smaakte prima – wat het echt was; we zullen het nooit weten. Ach; eten in China is een experiment en tot nu toe gaat het redelijk met de darmpjes en smaakt het eten eigenlijk allemaal geniaal en hebben geluk gehad dat het nog nooit echt onze bek uitgefikt is!

Zoals jullie merken laten we alles hier lekker op zijn beloop hier in Beijing… En Laura heeft al heel wat toffe poppetjes gekocht, en Jeroen natuurlijk t-shirts!! We hebben straks een hele week de stad verkent en hebben nog lang niet alles gezien. Maar het is tijd om maar eens rond te neuzen naar leuke en goedkope hostels in Xi’An, onze volgende bestemming!

ps: Jeroen heeft besloten dat het geen probleem is als Chinezen met hem op de foto willen mits ze ook met hem op de foto gaan…



Mijn locatie .